De bloedrode mens (met B. Jansma)

 

© Barbara Jansma

© Barbara Jansma


 

De beweging van de dingen ziet hij
als hij onbeweeglijk staat.
Naast hem het doek dat hij nog nat
op de vreemde zolder zag; een ander
maar de bleke huid van het gezicht, zijn blik,
tegen een wand van ossenbloed.

Dat hij zich zo daarin herkent;
het geziene binnen maar iemand ook
die later zegt: dat ben jij. Wonderlijk
zo opgeschrikt te zijn omdat het zijn gebonden ik
weggeeft, daar vogelvrij

in rode natte tinten, stond een slapende herinnering
klaar om hem uit gedekte verf
te wekken.
Hij had zich kleurloos weg geschilderd.
Een half voltooide tijd.

 

ds2013