Houvast

 

 Langs de monding van de Maas

 
Di Storia 'Stenen' Solidianne 1

  laat ik mij liggen bij een steen, die in het water niet verdwijnt, maar ingebed

 
Di Storia 'Stenen' Solidianne 2

  het natte grondvlak houdt, de scherpe zijde slijt. Gegroefd

 
Di Storia 'Stenen' Solidianne 3

  ligt hij op de oever van mijn hand, ontdaan

 
Di Storia 'Stenen' Solidianne 4

  van slijk en zand, voordat ik hem terugleg, in ondiep stromen

 
Di Storia 'Stenen' Solidianne 5

  en herhaalt herinnering zich door een klein bewegen

 
Di Storia 'Stenen' Solidianne 6

  voordat ze loslaat, naar het klare houvast

 
Di Storia 'Stenen' Solidianne 7

  op de bodem van gewichtloos kunnen zijn.

 
 
  Beeld en tekst: Soli. Dit gedicht is eerder geplaatst op het opgeheven Volkskrantblog en is in 2015 herschreven.
 

Pleisterplaats

  Het zijn haar handen, eilanden. 
  Pleisterplaatsen, waarop ik op een vinger 
  slenter. Ontdek, natrek. Zwerf 
  over donkeroude plekjes, 
  een doolhof van ragfijne lijnen, 
  de kalme rivieren die even geheimzinnig 
  verdwijnen bij het rugwaarts glijden. 

  Ik reis een leven lang 
  in de herinnering van haar huid 
  wissen haar sporen langzaam uit; 
  kruipt bloed waar het niet gaan kan 
  om op mijn handen 
  te verschijnen, samen 
  met een slenterkind. 

  ds© 

Di storia, Pleisterplaats, Soli 2014

 
 
 
 

Niet alleen

Di Storia Niet alleen Soli ©
  Zo te zitten in het oevergras
  en dat het zaad al barst in doffe plofjes,
  het breekt de ruis van riet

  en ik denk nog even niet
  aan wat er overstromen moet
  of wat zich uitvlakt
  achter hoge bomen.

  Als een dunne deken
  het land toedekt,
  blijf ik tot de regen valt,

  luister naar de taal van water.
  In mijn mond verdwijnen woorden,
  druppelt onrust uit mijn hoofd.

  Zo te zitten in het oevergras
  op deze plek, word ik bewust
  van armen om me heen.

  Niet alleen
  ontspannen ze een omheining,
  ze laten mij in doorgang schuilen.

  ds
 
 

Kussen met een vreemde

Er waart, sinds 10 maart, een video rond op de social media, een prachtig filmpje dat me enigszins ontroerde. Tatia PIlieva, een filmmaker, woonachtig in Los Angeles, bracht twintig mensen bij elkaar:
hoe kus je iemand die je niet kent of misschien wel kent maar nog nooit gezoend hebt. Je ziet de onwennigheid, de verlegenheid, het aftasten en uiteindelijk: De kus. Kussen met een vreemde. Mogelijk dat je daarna je andere weg vervolgt maar als je zoiets intiems hebt gedeeld, blijft er dan ook niet iets hangen van verliefdheid, verlangen?

Ooit heb ik kussen met een vreemde in een gedicht verwerkt. Ik was het gedicht vergeten. Totdat ik het beeldproject van Tatia PIlieva zag, en met mijn gedicht aan elkaar knoopte:

Aan de helpoort

Verleden waar ik in kruipen kan
of klimmen
als een poortwachter die de stad bewaakt:

wie of wat houd ik tegen
wanneer gisteren voorbijglijdt
langs de uitkijkpost (en duivenvleugels
fluiten in het overstijgen).

Ik laat mij niet verhinderen
terwijl ik over D’n Hiemel mijmer
die na de doorgang tevoorschijn komt
waar je dansen kan en ik licht van wijn
op hellende voeten
door de poort terugkeer.

Gekust voor het eerst; voor het laatst
met een vreemde die ik staande houd
in de luwte van de boog.

De Jeker bruist en kinderen
gooien brood als kogels.

ds

 

Lieve krokus

  Je plukte,
  zo diep mogelijk verdween je
  in te korte stelen, veegde zonnig
  aarde aan een mouw: Kijk,
  een bloem! En ik, ik liet
  de woorden na en plukte jou,
  een voor een, van begin af aan
  om nog daar nog langzaam
  een vaas voor te maken.

  © ds
Di Storia Lieve krokus Soli
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

 Eerder geplaatst op Blomsterphoto.
 

Station Reuver Limburgse Dichters Dichterbij

Foto: Herman Bors

Foto: Herman Bors

Vorig jaar januari, op gedichtendag 2012, ben ik gevraagd door Peter Winkels van Eskacé (Stichting Kunst en Cultuur gemeente Beesel), voor Dichters dichterbij in de geweldige ambiance: Brasserie de Vertraging, Station Reuver. Er werden twee dichters geïnterviewd over een van hun gedichten. Foto 1. en 2.
Het gedicht werd geprojecteerd maar ook op papier uitgedeeld. Publiek kon zo actief deelnemen en vragen stellen. Het was een geweldige ervaring. Niet in de laatste plaats omdat ik gekoppeld was aan de dichter Leo Herberghs, maar ook omdat we van te voren op een heerlijk diner werden getrakteerd – dat was voor mij al meer dan genoeg – ☺
Peter Winkels wierp zich op als prettig interviewer en het publiek was enthousiast aandachtig.

Nu is er een bloemlezing uitgekomen, als afsluiting van 10 poëziemanifestaties: Station Reuver Limburgse Dichters Dichterbij , met gedichten van al die Limburgse dichters die te gast waren, zoals: Frans Budé, Koos van den Kerkhof, Paul Hermans, Herman Verweij, Michiel van Rooij, Frits Criens, Hans Dekkers, Danny Danker, Jos Versteegen, Hans van Bergen, Daan Doesborgh, Dianne Soeters, Leo Herberghs, Jos Rosenboom, Amber Helena Reisig, Quirien van Haelen. Leo Hermens, Chrétien Breukers en presentator Peter Winkels. De bundel is samengesteld door Peter Winkels en mooi strak vormgegeven door Sanne Verdonck en Laurens-Jan Pubben; met foto’s van Herman Bors.

Gisteren is de bundel ook gepresenteerd in Boekhandel De Tribune in Maastricht waar een aantal gastdichters, waaronder ik, gedichten voordroegen.voordracht

Dat er een fout in de titel van een van mijn gedichten is geslopen, is te vergeven. De bundel is mooi vormgegeven en een aanrader voor wie van bloemlezingen houdt.

limburge-dichters-dichterbij-600x425
Meer info op: www.eskace.nl
Gedicht Meisje

 

Meer

ik heb niet veel gedaan vandaag gedroomd
het brood gesmeerd de melk in een glas
gedag gekust en met een buur een praatje
gelopen met mijn hond nagedacht wat regels
opgeschreven geluisterd bij klassiek ik heb
gewacht het mooist geplukt voor in de vazen
gekeken naar zijn ogen en alles rook jasmijn

ik heb niet veel gedaan vandaag
is zo veel meer

ds
Di Storia Jasmijn Soli

Verdwaasd geluk

Di Storia, Tijd, Soli

In de stad waar ik een vreemde ben,
sjouw ik het bekende –  niet het vertrouwde  –
zie ik de man in de bus,
vervreemd van wie hij vroeger was.

Hij sleept zijn leven in een tas,
kijkt naar zijn stad  –  de straten
die de bus aandoet  –
en vraagt blijmoedig waar ik woon.

Er is verdwaasd geluk voor nodig
denk ik; een zekere weemoed
om een hoek die niet wil komen
en wat er wordt vergeten,

maakt dat geen dag meer langer wordt,
het slepen maar zo kort. Och, de tijd:
hij maakt ons onverhoopt verloren
en in de grond gelijk.


ds


Levenskunst

Di Storia Wiel Soli

Zijn dag verpakt in plastic zakken;
op zijn schoot ligt schroefdopwijn
en een halve leverworst. Het is koud
in de kraag van mijn jas.

Hij zingt de kilte stuk, beweegt zich
in een rijdende stoel: met een been,
het andere blokkeert. In een struikelende twist
is hij de bewonderenswaardige optimist.

Loop door, sist mijn oma in mijn oor:
Als je kijkt, willen ze geld of jatten
je horloge
, en ik voel mijn verzet
terwijl ik haar terug het graf induw.

Hij steekt zijn borst vooruit, galmt
de stenen uit de muren.
Mijn wrevel heeft hij al gerold,
verkoopt hem waar ik vrolijk bijsta.


ds


Briefje

  Er lag een briefje in de regen, een vol
  geschreven briefje, dat kon ik (net) nog zien.
  Het was geen briefje van: vis, brood, peren…
  dat snel met pen was opgeschreven;
  het waren uitgelopen zinnen, die in inkt
  verdwenen.

  Ik houd van opgepropte briefjes
  onder kussens (of op het kastje
  naast het bed)
  en van gekreukte hanenpotenbriefjes
  (in een bruine envelop gered)

  maar niet van zwerfbriefjes in de regen
  die, verbleekt, zijn afgeschreven.

Di Storia Briefje in de regen Soli










  ds