Feest

Er zit een feest in mij, Querido’s Poëziespektakel: verslag

Ik kijk op de klok, ik moet me haasten in wat eerst nog een zee van tijd leek. Ik ga naar Amsterdam, naar de boekpresentatie van Querido’s poëziespektakel Er zit een feest in mij!. Een van mijn gedichten staat in het boek, feestelijk op vrolijk geïllustreerd papier. Ik mag het voordragen, als ik wil. En ik wil. Ik heb er nooit zenuwen om. Voordragen is heerlijk. Ik ken het gedicht uit mijn hoofd en dat is wat ik ga doen: losjes ontspannen, de zaal in blikkend. Als ik klaar ben, gaan de trillingen toeslaan maar dan mag het. Zo zal het gaan, dat weet ik omdat het altijd zo gaat. Het enige is, het is geen feestelijk gedicht, het gaat over twee vrienden die elkaar moeten loslaten omdat de een moet vertrekken, terug naar zijn land van herkomst omdat onze regering mensen jarenlang in onzekerheid laat en kinderen eerst laat wortelen voordat ze ze weer ruw uit hun omgeving plukt. Maar dat staat er niet, dat weet ik omdat ik het geschreven heb naar waar gebeurd.
Het is nu zes jaar geleden dat twee vrienden afscheid moesten nemen, heldhaftig tranen slikkend.
Ik was toeschouwer en voelde het afscheid tot in mijn vingertoppen. Ik heb het jaren proberen te verwoorden want ben het nooit vergeten. De achterblijver ook niet: weet je nog, mam? Ja, ik voel het zelfs nog. En ik weet dan ook hoe ik het moet schrijven en stuur het op naar het Poëziespektakel nummer vijf. Want het thema is niet alleen Feest maar heeft ook het thema van de kinderboekenweek: Hallo wereld. Het komt erin!
Di Storia,Thalla, SoliNu ga ik dus naar Amsterdam naar een zaal vol medeschrijvers; luisteren naar hun gedichten en luisteren naar Ted van Lieshout die ik zeer bewonder. Dat ga ik hem natuurlijk niet durven zeggen. Hij zal het vaak genoeg horen.
Ik ga ook naar B. Ik heb haar gevraagd om met me mee te gaan; ze is mijn beste vriendin en een allerfijnst gezelschap. Bovendien woont ze in Amsterdam en heeft ze me nog een heerlijk dagje na beloofd. Ik verheug me.
De trein die ik moet hebben, loopt binnen op het station maar net nadat er iemand van het schoonmaakpersoneel is binnengestapt, klappen alle deuren dicht en gaan niet meer open.
NS personeel loopt onrustig langs de trein en duwt vergeefs op openingsknoppen. Ondertussen loopt het perron vol met reizigers die nerveus worden omdat ze ergens op tijd willen zijn. Ik ben vroeg genoeg om de presentatie te halen maar B. wacht op me op de afgesproken tijd en ik ben natuurlijk weer vergeten mijn beltegoed aan te vullen. Dat begint goed.
Net voordat de trein vertrekken moet, gaan de deuren open en de NS-conducteur is zo opgelucht dat hij bij elke plaats waar de trein binnenkomt vrolijk mee vermeldt dat we op tijd zijn.

B. komt op me af terwijl ik om me heen zoek op het drukke perron; ben zo druk met kijken dat ik haar niet meteen zie. Maar gelukkig ziet ze mij. Ons weerzien is warm en vertrouwd. Ze loodst me door het drukke Amsterdam waar ik steeds vaker kom, ook met J. Heerlijke stad!
We moeten nog een klein stukje vanaf de tram naar haar huis en terwijl ze me de architectuur van de omliggende gebouwen laat zien, gebeurt het. Ik mis een tree die, voor mij, in de bestrating verstopt zit. Ineens val ik in de diepte van een paar centimeter; voorover op mijn rechterknie terwijl mijn linkervoet blijft staan en mijn enkel een vreemde knik maakt. B. schrikt zich rot terwijl ik versuft blijf zitten. Mijn enkel doet gemeen zeer maar ik kan erop staan en voorzichtig lopen. De laatste paar meters zie ik sterretjes in plaats van architectuur maar ik zal lopen, verdorie! Dit kan ik absoluut niet gebruiken. Ik maak flauwe grapjes dat ik voor Amsterdam gevallen ben. Dat is ook zo maar dit was niet de bedoeling.
B. zorgt dat ik lekker zit met mijn pootje hoog en draait een kletsnatte theedoek om mijn enkel.
Ik ben bang dat mijn enkel zo verstijft dat ik straks niet meer kan lopen en dat moet; vanaf de tram is het nog een minuut of zeven lopen naar de OBA waar de feestelijkheden plaats zullen vinden.
We kuieren wat, meer gaat niet, in de buurt, bij de gezellige haven in een aangenaam warme zon.Di Storia, Amsterdam haven, Soli
De laatste keer dat ik in Amsterdam was, was het juli maar goot het van de regen. Amsterdam in de zon biedt een kleurige aanblik. Kinderen springen vanaf de brug in het water. B. en ik houden ons hart vast. Ik zou het niet durven en kijk naar de jeugdige overmoedigen die lachend in het water zwemmen.
We pikken nog een terrasje aan het water maar de tijd vliegt. Daar hebben we minder rekening mee gehouden, met mijn lagere tempo.

Ik besluit onderweg om het gedicht niet uit mijn hoofd te doen. Ik kan het, ik heb het een paar keer foutloos voorgedragen aan B. maar dan ineens is er een strofe weg, zomaar helemaal weg uit mijn geheugen. Ik zeg: uh… terwijl ik koortsachtig mijn hersenpan uitgraaf en dat moet je niet doen tijdens een voordracht. Bovendien had ik gedroomd dat ik de betekenis van het gedicht veranderde door het laatste woord verkeerd te zeggen: Mijn vriend gaat verhuizen en ik maakte daar logeren van. Ik was zo huiverig om dat laatste woord verkeerd te lezen dat ik dat ook prompt deed.
Di Storia, Amsterdam OBA, Soli Op het nippertje komen we bij de OBA aan, het presentatiefeest is op de zevende verdieping, in het Theater van het Woord maar er zijn roltrappen en een lift. Gelukkig.
Het zaaltje is al vol met mensen in vrolijk geroezemoes. Ik kijk naar boven waar nog een paar plaatsen vrij zijn maar net op tijd ziet B. twee onbemande stoelen op de eerste rij. Het is vier stappen naar het podium.
Ik heb mijn camera bij me voor een paar sfeerfoto’s maar uiteindelijk leg ik, tegen mijn eerste bedoeling in, de hele avond vast. Achteraf is dat een heel fijne bijkomstigheid waar meer mensen dankbaar gebruik van zullen maken via Facebook en ook Ted van Lieshout, die er een blog aan wijdt.
De avond is een feestelijk gebeuren, spontaan en onbevangen. De mensen van Querido leggen ons in de watten met hartelijkheid en aandacht, Ted van Lieshout is warm en betrokken. Het blijft een vrolijke sfeer die ook op het podium tot uiting komt.

De eerste twee regels lees ik met steun van mijn papiertje, het woord logeren lees ik tot mijn opluchting als verhuizen en daarna gaat alles vanzelf. Net zoals de trillingen daarna.
Er gebeurt veel moois en het feest vliegt voorbij. B. en ik besluiten niet bij de receptie achteraf te blijven. Mijn voet moet dringend omhoog; ik verlang naar koude natte theedoek en een kop koffie aan tafel.
We nemen samen het boek door, wat een heerlijkheid! Ik raad iedereen aan om het te kopen, ook als cadeautje voor jezelf en hoop stiekem dat mijn gedicht ook op scholen gebruikt gaat worden tijdens de kinderboekenweek.

B. heeft een warme gezellige woonruimte waar het fijn toeven is. We hebben mooie gesprekken zoals we die altijd hebben maar na zo’n intensieve dag, als rust eindelijk de kans krijgt, komt slaap snel.
Ondanks dat mijn enkel klopt en brandt, slaap ik heerlijk ontspannen.
B. en ik zouden nog naar de Hortus. Volgende keer. Op haar balkon is het goed zitten en bij haar in de buurt staat een kleine dijk vol bloemen. Veel te fotograferen. Een Icarusvlindertje en genoeg bloemetjes en bijtjes voor mijn Blomsterphoto blog.
Na de lange warme treinreis naar huis, die ramen kunnen verdorie niet meer open, is mijn enkel twee keer zo dik.
Het kan me nu niet meer schelen. Rekverband en wat rust doen zeker wonderen. Ik kom de tijd wel door. En er ligt wat moois te lezen. Ik heb hem al bekroond met vlag en wimpel!

Verzameld door Ted van Lieshout met werk van 25 illustratoren en 85 dichters:
Querido’s Poëziespektakel 5 Er zit een feest in mij!
Em. Querido’s uitgeverij BV 2012
qp5-omslagweb

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s